Koortsdroom - 7
‘In het begin is het probleem dat je je dromen niet herinnert. Het gekke is overigens dat vrouwen vaker hun dromen herinneren dan mannen, hoewel dat geen statistisch significante uitspraak is en totaal terzijde.’ Even dagdroomde hij voor de verandering. ‘Dat moet ik later maar eens gaan onderzoeken.’
‘Ga alsjeblieft even verder, Aslan!’ Assertiviteit tegenover intimi is geen assertiviteit.
‘Ja, ja, ja! Nou, in het begin moet je op de één of andere manier aanleren je dromen te herinneren. Probeer als je wakker wordt je droom vast te houden. Niet alles ineens, die fout maak je al snel. Hou de laatste scène vast en ontrafel achteruit. Vergt oefening, I’m telling you, brother.’ Aslan’s ogen stonden onscherp, alsof zijn object zich in een andere wereld bevond. Aslan keek uit over vergezichten die niet zichtbaar waren voor zijn gehoor.
‘En dan?’, spoorde Z. hem aan terug te keren.
‘Dan leer je je dromen kennen. Dan leer je waar je zoal mee bezig bent ’s nachts.’ Aslan was nog niet gearriveerd.
‘Ga verder, ik wil weten hoe je leert vliegen.’
‘Ik blijk hele verhalen te dromen, man!’ Z. was helemaal niet geïnteresseerd in wat Aslan droomde, maar wist ook dat er geen houden aan was. ‘Vannacht droomde ik één of ander scifi-fantasy-verhaal, hoewel mijn rol niet helemaal duidelijk was aangezien ikzelf iemand ander was of zoiets.’
‘En dan kan je vliegen?’, probeerde Z. nog maar eens.
Aslan keek hem recht in de ogen.
‘Nee, dan kan je niet vliegen. Als je wilt horen wat ik te vertellen heb, dan moet je luisteren naar wat ik te vertellen heb, vriend.’ Assertiviteit tegenover intimi is geen assertiviteit, maar intimiteit. IJzig klonk het toch. ‘Wat heb ik je nou verteld: er zijn geen short cuts. Als je niet de hele weg aflegt, dan kom je niet aan.’

0 Comments:
Een reactie posten
<< Home