Vrijheid of Puberteit?

Zoals sommigen van u zullen weten heb ik een haat-liefde-verhouding met de Volkskrant. Vandaag was het weer de beurt aan die eerste. Ik las een wel erg paternalistische column van Martin Sommer en besloot hem te antwoorden op zijn mailadres. Wellicht leuk om mee te lezen.
Geachte heer Sommer,
Ik zou wel eens willen weten in welk stelsel u precies telt, als u zegt dat maar een ‘anderhalve paardenkop’ zich ‘kritisch uitlaat over de islam’. Leest u uw eigen krant wel eens? Of de Trouw? Ikzelf, een linkse Nederlander van Turkse afkomst, en een functionele atheïst, wordt inmiddels doodziek van die stortvloed aan ongenuanceerde islamhate die vrijwel elke dag door alle media over mij wordt uitgekotst. En dat terwijl ik uit een Alevitisch, en dus zeer progressief-heterodox nest kom. Ik word dus niet gekwetst door een plaatje.
De vraag is namelijk niet of er genoeg kritiek op de islam wordt geuit, maar wanneer die nou eens serieus wordt. Wanneer nu eens aannemelijk kan worden gemaakt dat die kritiek niet gevoed is door pure xenofobie, blanke superioriteitswanen of andere reactionaire ulterior motives. Dat zal in vele gevallen, bijvoorbeeld in het geval van Wilders, erg moeilijk, zo niet onmogelijk blijken. En daarin zult u ook de reden vinden, wanneer u dat opportuun acht, voor het feit dat de islamcritici niet kunnen rekenen op de steun van ‘libertair links’.
Neem de ‘cartoon crisis’ nu eens als casus. Een (inderdaad rechtse) Deense krant plaatst een twaalftal satirische prenten, uit protest tegen het feit dat een boekschrijver geen tekenaar bereid kon vinden een illustratie van de profeet Mohammed te maken. In mijn ogen een geoorloofde, maar twijfelachtige redenering. Vooral aangezien, naar gisteren bekend werd, diezelfde krant spotprenten over de profeet Jezus niet wenste te plaatsen, en wel omdat men geen Christenen wilde kwetsen. Maar laten we verdergaan. Het staat buiten kijf dat het plaatsen van die prenten wél geoorloofd is in het kader van de vrijheid van meningsuiting. Maar welke mening wordt er nu precies geuit? En welke interpretatie geven we daarmee van die vrijheid? Nemen we de bijna puberale Nederlandse en Franse uitleg: iedereen mag alles zeggen, omdat iedereen gewoon alles mag zeggen? Of betekent de vrijheid van meningsuiting dat je de vrijheid hebt om je mening te uiten? Wat is een mening? ‘Alle moslims zijn geitenneukers?’, is in mijn ogen geen mening. ‘Allah bestaat niet’, wel.
We zijn de afgelopen weken weer doodgegooid met het inmiddels sleetse (en volgens sommigen apocriefe) citaat van Voltaire: we weten nu dat Europa haar leven zou geven voor het recht om zelfs abjecte meningen te uiten. Jammer dat het niet waar is. Want Europa staat niet pal voor het recht om meningen te geven, Europa staat pal voor het recht om meningen te geven die congruent zijn aan de eigen mening. Cor Speksneijder haalde in de Volkskrant van eergisteren uit naar Abou Jajah. Diens lust naar antisemitische tekeningen kon bevredigd worden in het Midden Oosten. Niet alleen een verdekt ‘rot op, als het je hier niet bevalt’, maar ook een valse voorstelling van zaken. Het schijnt dat er in Arabische kranten inderdaad anti-joodse prenten verschijnen die zijn gebaseerd zijn op racistische stereotypen. Maar verschijnen die hier ten lande dan niet? Wie kent niet de tekeningen van Frits Behrendt in de Telegraaf, waarin Israël altijd figureert als een moedige, ijverige, nette jongen, slechts gewapend met een schep, terwijl de Arabier (de Palestijn) wordt afgebeeld als een ongeschoren, vadsig, laakbaar type, compleet met haakneus, dikke lippen en kalashnikov? En hoe schildert Collignon de Turk af, als die weer eens duidelijk moet worden gemaakt dat hij niet welkom is: als een ongeschoren, onbeschaafde, plompe boer. Niemand protesteert, en dat hoeft ook niet, maar hang dan niet de heilige boon uit.
Het zijn de onvervalste hypocrisie en de selectieve verontwaardiging die Europa kwetsbaar maken, en door het zelfbenoemde patroonschap, ook de grondrechten die het continent zegt te willen beschermen. En ons land lijdt nog in sterkere mate aan deze ziektes. Het is het enorme bord voor de kop van types als Hans Wansink, of Sander van Walsum. Van Walsum durft vandaag in de krant te beweren dat de Palestijnse gijzeling van Israëlische sporters in 1972 het ‘eerste bedrijf van de strijd tussen de beschavingen’ zou zijn geweest. In welke wereld leef je dan? Hoe enorm is je preoccupatie met je eigen waanideeën? Je kunt niet beweren dat je de vrijheid van meningsuiting verdedigt als je je niet druk maakt om de macht van het grootkapitaal in de nieuwsgaring en –verspreiding. Je kunt niet beweren dat voor jou alle mensen gelijk(waardig) zijn als je de rechten van de één overduidelijk belangrijker vindt dan de andere. En u, meneer Sommer, kunt niet vanuit de ivoren toren van uw column onwrikbare waarheden debiteren, die erop neerkomen dat wij in Nederland het goed gedaan hebben, omdat wij de cartoons hebben durven plaatsen, en dat de Engelsen dat niet durfden, omdat ze bang zijn. Dat is geen argumentatie, dat is (in mijn ogen) puberaal gedram.
Met vriendelijke groet,
Copyrights (C) cartoon F.A. Behrendt en De Telegraaf 2002

0 Comments:
Een reactie posten
<< Home