Koortsdroom - 9
"De setting is één of andere Amerikaans aandoende suburb. Zelfs onze dromen zijn Amerikaans geworden. In ieder geval is het nacht en er heerst paniek. Aliens/demonen o.i.d. vallen aan. Mensen gillen in hun huizen. Ik ben niet bang. Ik weet dat ik droom, denk ik.
Tussen de huizen en op de opritten geparkeerde auto's door zie ik ze naderen, de engerds. Om de één of andere reden kunnen ze zich veranderen in grote honden, superalienhonden. Ik ben niet bang.
Hun leider is een witte hond. Een soort herder, maar dan wit. Ik weet dat ik droom, op een bepaald niveau. Mijn droomego weet dat hij droomt. En hij weet dat hij zich ook in een hond kan veranderen. Ik probeer me te herinneren (of is hij het?) hoe honden met elkaar vechten, hoe ze elkaar afmaken. Ze bijten elkaar de keel dicht en verscheuren elkaar.
Ik zal de gillende mensen beschermen, weet ik. Ik jaag de aliendemonenhondenleider op. Hij is bang. En terecht, dit is mijn droom, hij is machteloos. Ik bijt hem in zijn strot. Ik verscheur hem."

0 Comments:
Een reactie posten
<< Home